Breuk aftrekken ongelijknamig
Je kind trekt ongelijknamige breuken af door ze eerst gelijknamig te maken (3/4 − 1/2 = 1/4).
Wat je kind oefent
- BegrijpenAftrekken als de ene noemer een veelvoud is van de andere.
- ZelfstandigAftrekken als beide noemers moeten veranderen.
- ToepassenAftrekken in een situatie (hoeveel blijft er over?).
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.