Leerdoelen
Wat leert je kind in welke groep?
Alle 415 leerdoelen waarop je kind in Stofferblik kan oefenen. Ze volgen de landelijke leerlijn, dus ze passen bij elke lesmethode. Klik op een leerdoel voor uitleg en een opdracht om zelf te proberen.
Groep 3
Taal en spelling 14
- Letters en klanken koppelen
- Eenvoudige woorden lezen
- Klankzuivere woorden lezen
- Woorden met medeklinkerclusters lezen
- Woordbetekenis herkennen
- Gesproken tekst begrijpen
- Tegenovergestelde woorden herkennen
- Woorden correct overschrijven
- Korte boodschap schrijven
- Rijmen en spelen met klanken
- Klankzuivere woorden schrijven
- Korte en lange klank herkennen
- Personages herkennen
- Setting herkennen
Rekenen 29
- Getallen lezen
- Getallen schrijven
- Getallen op de getallenlijn plaatsen
- Getallen ordenen
- Getallen vergelijken
- Optellen tot 20
- Aftrekken tot 20
- Splitsen tot 10
- Splitsingen tot 20
- Geldrekenen
- Klokkijken: hele en halve uren
- Gegevens verzamelen
- Gegevens ordenen
- Turven
- Regelmaat beschrijven
- Getalpatronen
- Probleem begrijpen
- Relevante informatie selecteren
- Situatie vertalen naar rekenmodel
- Stappenplan volgen
- Vaste rekenprocedure uitvoeren
- Wiskundige begrippen herkennen
- Wiskundige begrippen gebruiken
- Rekentekens begrijpen
- Vergelijkingstekens gebruiken
- Getallenlijn gebruiken
- Rekenrek gebruiken
- Geldmodel gebruiken
- Rekenen met geld in context
Groep 4
Taal en spelling 43
- Tweelettergrepige woorden lezen
- Meerlettergrepige woorden lezen
- Veelvoorkomende woordpatronen lezen
- Expliciete informatie vinden
- Synoniem herkennen
- Vraag en antwoord koppelen
- Onderwerp van een tekst bepalen
- Tekstdoel herkennen
- Woordbetekenis uit de zin afleiden
- Chronologische volgorde herkennen
- Tekstsoort herkennen
- Woordrelaties herkennen
- Zinnen verbinden
- Beschrijving schrijven
- Instructie schrijven
- Informatie noteren
- Zelfstandig naamwoord herkennen
- Werkwoord herkennen
- Lidwoord herkennen
- Verdubbelingsregel toepassen
- Verenkeling toepassen
- Hoofdletters toepassen
- Correcte zin formuleren
- Ng/nk schrijven
- Meervoud correct schrijven
- Au/ou schrijven
- Ei/ij schrijven
- G/ch schrijven
- Woorden met sch en schr
- Hoofdletter aan begin zin
- Hoofdletter bij namen
- Punt gebruiken
- Vraagteken gebruiken
- Eer/oor/eur schrijven
- Uitroepteken gebruiken
- Verkleinwoorden correct schrijven
- Aai/ooi/oei schrijven
- Hoofdpersonage bepalen
- Gebeurtenissen ordenen
- Probleem en oplossing herkennen
- Verhaalgenre herkennen
- Poëzie herkennen
- Rijm en ritme herkennen
Rekenen 44
- Waarde van cijfers bepalen
- Plaatswaarde toepassen
- Vermenigvuldigen begrijpen
- Delen begrijpen
- Hoofdrekenen
- Rekenstrategie kiezen
- Rekenbewerking controleren
- Optellen en aftrekken tot 100
- Tafels van 1 tot en met 5 en 10
- Tafels van 6 tot en met 9
- Breuken herkennen
- Lengte meten
- Lengte-eenheden herkennen
- Gewicht meten
- Tijdseenheden herkennen
- Geldbedragen lezen
- Geldbedragen vergelijken
- Klokkijken: kwartieren
- Kalender lezen
- Frequentietabel lezen
- Staafdiagram lezen
- Gegevens vergelijken
- Tabel invullen bij data
- Vormpatronen
- Vormen herkennen
- Vormen benoemen
- Eigenschappen van vormen
- Figuren sorteren
- Symmetrie herkennen
- Standpunt en aanzicht
- Plattegrond lezen
- Route beschrijven
- Vraag formuleren
- Strategie kiezen
- Gegevens selecteren
- Schematiseren
- Tekening als model gebruiken
- Procedure in juiste volgorde zetten
- Eenheden correct noteren
- Getallen en hoeveelheden representeren
- Bewerking in som noteren
- Situatie met som weergeven
- Liniaal gebruiken
- Rekenen met tijd in context
Groep 5
Taal en spelling 39
- Vloeiend lezen
- Leestempo ontwikkelen
- Verwijswoorden begrijpen
- Oorzaak-gevolg herkennen
- Leesstrategie kiezen
- Hoofdgedachte herkennen
- Hoofd- en bijzaken onderscheiden
- Belangrijke informatie selecteren
- Tegenstelling in een tekst herkennen
- Vergelijking herkennen
- Bron herkennen
- Informatiebron kiezen
- Teksten typen
- Alinea herkennen
- Alinea ordenen
- Schrijfstrategie kiezen
- Inleiding-midden-slot herkennen
- Verhaalstructuur gebruiken
- Hoofd- en bijzaken noteren
- Bijvoeglijk naamwoord herkennen
- Voorzetsel herkennen
- Samenstellingen begrijpen
- Klemtoon en betekenis
- Zin herkennen
- Onderwerp vinden
- Persoonsvorm vinden
- Samengestelde woorden schrijven
- Woorden met -d of -t aan het eind
- Woorden met -ig en -lijk
- Spellingcategorie herkennen
- F/v en s/z toepassen
- Stam bepalen
- Perspectief herkennen
- Hoofd- en bijfiguren, helpers en tegenspelers
- Karaktereigenschappen beschrijven
- Fictie en non-fictie onderscheiden
- Kenmerken van genres herkennen
- Drama herkennen
- Visuele elementen in literatuur
Rekenen 45
- Afronden
- Schriftelijk rekenen
- Kommagetallen lezen en schrijven
- Optellen en aftrekken tot 1000
- Deeltafels
- Breuken lezen en schrijven
- Breuk als deel van geheel
- Breuk op getallenlijn
- Breuken vergelijken
- Verhouding herkennen
- Verhouding noteren
- Verhouding vergelijken
- Verhoudingstabel gebruiken
- Lengte omrekenen
- Gewichtseenheden herkennen
- Gewicht omrekenen
- Inhoud meten
- Inhoudseenheden herkennen
- Inhoud omrekenen
- Tijd aflezen op minuten
- Tijdsduur berekenen
- Temperatuur aflezen
- Beeldgrafiek lezen
- Modus bepalen
- Grafiek maken
- Patronen herkennen
- Patronen voortzetten
- Veranderende patronen
- Eenvoudige regel herkennen
- Symmetrie toepassen
- Spiegelen
- Hoeken herkennen
- Probleem opdelen
- Tussenstappen plannen
- Tabel als model gebruiken
- Procedure uitleggen
- Algoritme controleren
- Maatbeker en meetinstrument gebruiken
- Schema gebruiken
- Tabel gebruiken
- Meetresultaat vooraf schatten
- Meten in dagelijkse situaties
- Verhoudingen in dagelijkse situaties
- Data uit dagelijkse bronnen gebruiken
- Route en afstand in context
Groep 6
Taal en spelling 40
- Leesfouten herkennen en herstellen
- Informatie uit tabel of afbeelding koppelen
- Onbekende woorden in een tekst afleiden
- Conclusie trekken
- Tekstsoort gebruiken bij het lezen
- Impliciete informatie afleiden
- Feit en mening onderscheiden
- Overeenkomsten en verschillen tussen teksten benoemen
- Zoekvraag formuleren
- Zoekwoorden kiezen
- Informatie in bron vinden
- Verwijswoorden correct gebruiken
- Signaalwoorden gebruiken
- Argument met reden formuleren
- Een eigen gedicht schrijven
- Verslagstructuur gebruiken
- Kennis ordenen in een schema
- Samenvatten
- Eigen taalgebruik controleren
- Taalprobleem herkennen
- Eigen tekst beoordelen met criteria
- Telwoord herkennen
- Woordvolgorde en betekenis
- Figuurlijk taalgebruik herkennen
- Voor- en achtervoegsels begrijpen
- Woorden met voorvoegsel schrijven
- C/k/s schrijven
- Komma gebruiken
- Woorden met achtervoegsel schrijven
- Woordenboek of spellinghulp doelgericht gebruiken
- Tegenwoordige tijd schrijven
- Verleden tijd schrijven
- Aanhalingstekens herkennen
- Hulpmiddel kiezen
- D of t kiezen
- Nederlands vergelijken met andere talen
- Tijdsprongen herkennen
- Verteltechnieken voor spanning herkennen
- Genrekenmerken vergelijken
- Literaire begrippen toepassen
Rekenen 44
- Schatten
- Kommagetallen vergelijken
- Kommagetallen ordenen
- Optellen met kommagetallen
- Breuken ordenen
- Gelijkwaardige breuken herkennen
- Vereenvoudigen
- Breuk en geheel getal
- Breuk en gemengd getal
- Breuk optellen gelijknamig
- Breuk aftrekken gelijknamig
- Breuk optellen ongelijknamig
- Breuk aftrekken ongelijknamig
- Verhoudingen vereenvoudigen
- Verhoudingen uitbreiden
- Verhouding en breuk verbinden
- Verhouding en percentage verbinden
- Schaal begrijpen
- Schaal berekenen
- Procent herkennen
- Oppervlakte meten
- Oppervlakte-eenheden
- Oppervlakte berekenen
- Omtrek meten en berekenen
- Schatten met referentiematen
- Lijngrafiek lezen
- Cirkeldiagram lezen
- Gemiddelde bepalen
- Verband tussen twee grootheden
- Tabel bij verband maken
- Verband aflezen uit grafiek
- Draaien
- Verschuiven
- Positie bepalen
- Coördinaten verkennen
- Kijklijnen
- Uitwerken
- Oplossing controleren
- Grafiek als model gebruiken
- Model gebruiken om te rekenen
- Fout in procedure vinden
- Procedure aanpassen
- Som met situatie verbinden
- Grafiek gebruiken
Groep 7
Taal en spelling 35
- Reden-gevolg onderscheiden
- Bedoeling van schrijver bepalen
- Vaktaal begrijpen
- Leesstrategie afstemmen op tekst en doel
- Tegenstrijdige informatie herkennen
- Standpunt herkennen
- Bruikbaarheid van een tekst beoordelen
- Argument bij standpunt herkennen
- Betrouwbaarheid van bron verkennen
- Tekst afstemmen op doel
- Tekst verbeteren
- Tekst afstemmen op lezer
- Creatief taalgebruik van anderen herkennen
- Voornaamwoord herkennen
- Bijwoord herkennen
- Voegwoord herkennen
- Woordsoort in context bepalen
- Gezegde herkennen
- Lijdend voorwerp herkennen
- Meewerkend voorwerp herkennen
- Spelling van geleerde woorden toepassen
- Passende formulering kiezen
- Leenwoorden spellen
- Trema, apostrof en koppelteken
- Voltooid deelwoord schrijven
- Dt-vorm correct schrijven
- Werkwoord als bijvoeglijk naamwoord herkennen
- Interpunctie verbeteren
- Standaardtaal en dialect onderscheiden
- Taalverandering herkennen
- Taalverschillen beschrijven
- Motief of terugkerend element herkennen
- Thema herkennen
- Tekstfragment aan genre koppelen
- Literaire vormkenmerken herkennen
Rekenen 45
- Aftrekken met kommagetallen
- Vermenigvuldigen met kommagetallen
- Delen met kommagetallen
- Getallen in context toepassen
- Rekenteken en bewerking kiezen
- Grote getallen gebruiken
- Breuk vermenigvuldigen
- Breuk delen
- Breuk van hoeveelheid
- Breuk als verhouding
- Breuk als deling
- Breuken, kommagetallen en procenten verbinden
- Verhouding en kommagetal verbinden
- Percentage berekenen
- Percentage van hoeveelheid
- Verandering in procenten
- Verhoudingsproblemen oplossen
- Samengestelde grootheden
- Temperatuur vergelijken
- Volume verkennen
- Geheugenomvang
- Mediaan verkennen
- Grafiek bij verband maken
- Regel in woorden beschrijven
- Regel met symbolen beschrijven
- Onbekende in eenvoudige relatie bepalen
- Beschrijving, tabel en grafiek van een verband omzetten
- Hoekgrootte vergelijken
- Hoek meten
- Ruimtelijke figuren
- Netten van ruimtelijke figuren
- Vergroten en verkleinen
- Oplossing uitleggen
- Formule of regel als model verkennen
- Model controleren
- Eenvoudig algoritme ontwerpen
- Wiskundige redenering verwoorden
- Antwoord passend formuleren
- Representatie kritisch beoordelen
- Geodriehoek gebruiken
- Rekenmachine doelgericht gebruiken
- Percentages in dagelijkse situaties
- Schaal in dagelijkse situaties
- Rekenen in recepten
- Rekenen bij planning
Groep 8
Taal en spelling 12
- Informatie uit meerdere tekstonderdelen combineren
- Informatie uit meerdere bronnen vergelijken
- Tekst samenhangend maken
- Tekst herschrijven na feedback
- Bepaling herkennen
- Hoofdzin en bijzin herkennen
- Zinsdelen ordenen
- Zinsbouw verbeteren
- Passend woord kiezen
- Werkwoordspelling controleren
- Spellingregel kiezen
- Verhaal interpreteren
Rekenen 25
- Rekenvolgorde
- Negatieve getallen verkennen
- Rekenresultaat interpreteren
- Breuken in context
- Rekenstrategie bij breuken kiezen
- Passende eenheid kiezen
- Snelheid
- Passende grafiek kiezen
- Data interpreteren
- Conclusie uit data trekken
- Misleidende grafieken herkennen
- Vragen bij data formuleren
- Data in context gebruiken
- Infographic interpreteren
- Verbanden vergelijken
- Verbanden toepassen in context
- Patronen en verbanden in datasets
- Veelhoeken
- Meetkundige constructies
- Strategie evalueren
- Model aanpassen
- Oppervlakte in context
- Inhoud in context
- Wiskundige keuze in context
- Wiskundige informatie uit media beoordelen
Waar staat jouw kind?
Stofferblik zoekt het per leerdoel voor je uit.