Hoofd- en bijfiguren, helpers en tegenspelers
Je kind onderscheidt in een verhaal de hoofdpersoon, bijfiguren, helpers (die de hoofdpersoon helpen) en tegenspelers (die het moeilijk maken).
Wat je kind oefent
- BegrijpenDe hoofdpersoon en een bijfiguur onderscheiden.
- ZelfstandigDe helper aanwijzen.
- ZelfstandigDe tegenspeler aanwijzen.
- ToepassenPersonages aan hun rol koppelen.
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.