Taal en spelling ยท groep 3

Letters en klanken koppelen

Je kind koppelt letters aan klanken: bij een letter de klank (en een woord dat ermee begint), bij een woord de begin-, eind- en middenklank, ook de tweetekenklanken, en hakt een gesproken woord in klanken.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenBij een letter een woord kiezen dat met die klank begint.
  • BegrijpenBij een gehoord woord de letter van de beginklank kiezen.
  • ZelfstandigBij een gehoord woord de letter van de eindklank kiezen.
  • ZelfstandigDe klinker in het midden van een woord, ook lang (aa, oo) en tweeteken (oe, ui, eu).
  • ZelfstandigEen gesproken woord in klanken hakken: hoeveel klanken hoor je?
  • ToepassenAlle letters van groep 3 (34 klanktekens) herkennen, ook de laatst geleerde (g, f, au, ui, ei).
  • ZelfstandigLijkende letters onderscheiden (b en d).

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Dit is een bel. Met welke letter begint bel?

๐Ÿ””

Niveau 2: Zelfstandig

Dit is een bel. Met welke letter eindigt bel?

๐Ÿ””

Niveau 2: Zelfstandig

Dit is een tas. Welke klank hoor je in het midden?

๐Ÿ‘œ