Taal en spelling · groep 4

Rijm en ritme herkennen

Je kind herkent rijmwoorden en eindrijm in een gedicht, kiest een rijmwoord dat de regel afmaakt en telt klankgroepen voor het ritme.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenHet woord kiezen dat rijmt.
  • ZelfstandigIn een gedichtje de woorden aantikken die rijmen.
  • ToepassenEen regel afmaken met een woord dat rijmt én past.
  • ToepassenHet aantal klankgroepen in een regel tellen (ritme).

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Welk woord rijmt op ‘maan’?

Niveau 1: Begrijpen

Klap de regel. Hoeveel klappen (klankgroepen) hoor je?

De kat is dik

Niveau 3: Toepassen

Welk woord maakt de regel af en rijmt?

Ik zie een muis, / die woont in een …