Taal en spelling · groep 7

Interpunctie verbeteren

Je kind verbetert interpunctie: hoofdletters en punten bij zinnen en eigennamen, komma’s en dubbele punt, en aanhalingstekens bij directe rede.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenHoofdletters en punten goed zetten (begin van de zin, eigennamen, einde van de zin).
  • ZelfstandigKiezen waar een komma of dubbele punt hoort (opsomming, tussen zinnen, vóór een opsomming).
  • ToepassenDe zin met directe rede goed zetten (aanhalingstekens, dubbele punt of komma, hoofdletter).
  • ToepassenDe zin kiezen waarin alle leestekens en hoofdletters goed staan.
  • BegrijpenHet leesteken aan het eind van de zin kiezen: punt, vraagteken of uitroepteken.
  • ZelfstandigHoofdletters bij namen van personen, scholen, straten, gebouwen, feestdagen en talen (twee namen in één zin).

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Welke zin is goed geschreven?

Niveau 1: Begrijpen

In welke zin is het leesteken goed gebruikt?

Niveau 1: Begrijpen

Welke zin is goed geschreven?