Tegenstelling in een tekst herkennen
Je kind herkent een tegenstelling in een tekst, ook aan signaalwoorden (maar, toch, echter, daarentegen), en weet wat er tegenover elkaar staat.
Wat je kind oefent
- BegrijpenHet signaalwoord voor een tegenstelling herkennen of kiezen.
- ZelfstandigKiezen wat tegenover elkaar staat in de tekst.
- ToepassenBeoordelen of er een tegenstelling in een zin staat.
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.