Delen met kommagetallen
Je kind deelt met kommagetallen: door 10 en 100, een kommagetal door een heel getal, een deling met een kommagetal als uitkomst en (in een situatie) door een kommagetal.
Wat je kind oefent
- BegrijpenEen kommagetal of heel getal delen door 10 of 100.
- ZelfstandigEen kommagetal delen door een heel getal.
- ZelfstandigEen deling van hele getallen uitrekenen tot een kommagetal (doordelen achter de komma).
- ToepassenIn een situatie delen door een kommagetal (hoeveel keer past 1,5 in 21).
- ToepassenEen bedrag eerlijk verdelen en het antwoord in euro’s en centen geven.
Probeer het zelf
Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.