Taal en spelling · groep 7

Creatief taalgebruik van anderen herkennen

Je kind herkent en waardeert creatief taalgebruik van anderen: beeldspraak (vergelijking, metafoor, personificatie), het effect daarvan, en creatief taalgebruik in reclame en titels.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenBeeldspraak herkennen: vergelijking, metafoor of personificatie.
  • ZelfstandigKiezen wat de beeldspraak met de lezer doet of wat ermee bedoeld wordt.
  • ToepassenCreatief taalgebruik in reclame, kopjes en titels herkennen (woordspeling, rijm, herhaling).

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Welke soort beeldspraak is dit? ‘De wind huilde om het huis.’

Niveau 2: Zelfstandig

Wat bedoelt de schrijver met: ‘Haar ogen waren twee sterren.’

Niveau 3: Toepassen

Wat is er creatief aan deze zin? ‘Melk, de witte motor.’