Grafiek bij verband maken
Je kind leest lijngrafieken bij een verband (tijd en afstand, meerdere lijnen), maakt de grafiek bij een tabel en beschrijft het verloop.
Wat je kind oefent
- BegrijpenIn een tijd-afstandgrafiek aflezen hoe ver of hoe lang.
- ZelfstandigTwee lijnen in één grafiek vergelijken.
- ZelfstandigKiezen welke grafiek bij een tabel hoort.
- ToepassenHet verloop beschrijven: stijgend, dalend, gelijk (stilstaan).