Rekenen · groep 6

Grafiek gebruiken

Je kind gebruikt staaf-, lijn- en cirkeldiagrammen om vragen te beantwoorden en kiest welk diagram past bij welke gegevens.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenMet gegevens uit een diagram rekenen (totaal, verschil).
  • ZelfstandigKiezen welk diagram past: lijn (verloop in de tijd), staaf (vergelijken), cirkel (delen van een geheel).
  • ToepassenBeoordelen of een conclusie bij een diagram klopt.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 2: Zelfstandig

Je wilt laten zien hoe de temperatuur verandert tijdens een dag. Welk diagram past het best?