Taal en spelling · groep 6

Tekstsoort gebruiken bij het lezen

Je kind herkent de tekstsoort (informatief, verhalend, instructief, betogend) en gebruikt die bij het lezen: wat is het doel, wat kun je verwachten, hoe lees je hem.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenDe tekstsoort herkennen aan een kort fragment.
  • ZelfstandigHet doel van de schrijver kiezen (informeren, vermaken, uitleggen hoe, overtuigen).
  • ToepassenKiezen hoe je de tekst leest (stap voor stap, zoekend, ontspannen).

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Wat voor tekst is dit?

Er was eens een koning die drie dochters had. De jongste was de slimste van allemaal.

Niveau 2: Zelfstandig

Wat wil de schrijver met deze tekst?

Er was eens een koning die drie dochters had. De jongste was de slimste van allemaal.

Niveau 3: Toepassen

Hoe lees je deze tekst het best?

Er was eens een koning die drie dochters had. De jongste was de slimste van allemaal.