Taal en spelling · groep 3

Rijmen en spelen met klanken

Je kind herkent en maakt rijm (eindrijm), vindt het woord dat niet rijmt, speelt met klanken (een klank vervangen) en herkent rijm in een gedichtje.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenHet woord kiezen dat rijmt op een gegeven woord.
  • ZelfstandigHet woord vinden dat niet rijmt.
  • ZelfstandigEen klank vervangen en het nieuwe woord zeggen.
  • ToepassenEen rijmpje afmaken met een woord dat rijmt en past.
  • ToepassenRijm gaat om klank, niet om spelling (zijn rijmt op trein).
  • ToepassenZelf rijmwoorden en een rijmpje bedenken.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Welk woord rijmt op pin?

Niveau 2: Zelfstandig

Welk woord rijmt niet: spin, vin of rol?

Niveau 2: Zelfstandig

Verander de eerste klank van kip in een p. Welk woord krijg je?