Taal en spelling · groep 4

Verdubbelingsregel toepassen

Je kind schrijft een klankgroepwoord met een korte klank aan het eind van de eerste klankgroep met een dubbele medeklinker (kat – katten), en weet wanneer niet (tent – tenten).

Wat je kind oefent

  • ZelfstandigHet goed geschreven woord kiezen in een zin.
  • ToepassenOnderscheiden: na een korte klank met al twee medeklinkers niet verdubbelen.
  • ToepassenDe regel verwoorden: de klankgroep is ..., de laatste klank is ....

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Eén jas, twee ... Hoe schrijf je het?

één jas – twee ...

Niveau 2: Zelfstandig

Ik zie drie ... (kat). Welk woord is goed geschreven?

Ik zie drie ___ .

Niveau 3: Toepassen

Eén pop, twee ... Hoe schrijf je het?

één pop – twee ...