Taal en spelling · groep 4

Vraagteken gebruiken

Je kind onderscheidt een vraagzin van een vertelzin en zet een vraagteken achter een vraag.

Wat je kind oefent

  • BegrijpenKiezen of een zin een vraag of een vertelzin is.
  • ZelfstandigHet goede leesteken kiezen: . of ?
  • ToepassenBij een vertelzin de passende vraag kiezen.

Probeer het zelf

Zo ziet een opdracht eruit. In Stofferblik krijgt je kind steeds nieuwe opdrachten op zijn of haar niveau.

Niveau 1: Begrijpen

Is dit een vraag of een vertelzin? ‘Kom je morgen spelen …’

Niveau 2: Zelfstandig

Welk leesteken hoort erachter? ‘Kom je morgen spelen …’

Niveau 3: Toepassen

Welke vraag past bij deze zin?

De juf heet Anna.